De dood leeft

Afgelopen week bracht ik een bezoek aan de tentoonstelling De dood Leeft in het Tropenmuseum in Amsterdam. De dood wordt er vanuit verschillende culturen en tradities belicht, maar er is ook aandacht voor de verschillende opvattingen die er leven over doodgaan en wat er daarna met ons gebeurt.

Ik heb altijd een trek naar de dood gehad. Niet vanwege levensmoeheid, maar eerder door een fascinatie voor de eindigheid van het leven. Een fascinatie voor die ultieme grens die onverbiddelijk de vraag naar de zin van het bestaan oproept en bewustzijn creëert over wat wezenlijk is in het leven, en wat niet. Ik vertoef in gedachten graag bij mijn eigen dood, omdat het tot een intensivering van mijn dagelijks leven leidt.

Het Tropenmuseum bood me een paar uur de mogelijkheid te vertoeven bij de dood. Ik heb er prachtige foto’s bekeken uit de serie ‘Life before Death‘ van de fotograaf Walter Schels, die zwart/wit portretten van mensen heeft gemaakt. Vlak voor en vlak na hun overlijden. De foto’s worden vergezeld van teksten waarin de gefotografeerde persoon spreekt over zijn eigen leven, zijn angsten, zijn verwachtingen ten aanzien van het leven na de dood. Schels beweert dat dit project is voortgekomen uit de behoefte zijn angst voor de dood te overwinnen. Wie de mooie verstilde doden op de foto’s bekijkt en ziet hoeveel rust ze uitstralen, snapt meteen wat hij bedoelt. Hoe kan iets wat zo vredig is, angst aanjagen?

Boeiend is ook dat de tentoonstelling een goed zicht geeft op de heel verschillende wijze waarop culturen omgaan met emoties rond de dood. In sommige tradities moet er veel geweeklaagd worden, omdat tranen de overledene tonen dat hij gemist zal worden. In andere culturen –bijvoorbeeld de Islamitische- verwacht men juist dat nabestaanden hun emoties in toom houden, opdat de overledene anders niet los kan komen van de aarde. Iets soortgelijks  weerspiegelt zich ook in de omgang met bezittingen. Aboriginals vernietigen alle bezittingen van een dode, terwijl westerlingen juist waarde hechten aan erfstukken, die gezien worden als een tastbare herinnering aan een geliefde dode.

De dood roept op tot bespiegeling. Tot prioriteitenstelling. Dat geldt ook voor de kleine doodjes die de grote dood voorafgaan gedurende het hele leven. Elke vorm van verlies, pijn, ongeluk, beperking zet het leven voor even stil, en roept de vraag op naar de betekenis ervan. De dagelijkse vanzelfsprekendheid wordt onderbroken en daardoor kan reflectie plaatsvinden en zo nodig herschikking van je waarden en doelen. Zonder de aanwezigheid van de destructieve, doodse krachten in het bestaan zou alles vlak worden. Zonder memento mori geen carpe diem. Zonder pijn geen verhoogd en geïntensiveerd bewustzijn over het eigen bestaan.Laatst hoorde ik van iemand die alvast zijn eigen grafkist in huis gehaald had. De eigen dood kreeg zo een duidelijke plek te midden van het volle leven. Zoiets lijkt mij nou ook wel wat.

De tentoonstelling De Dood Leeft is nog t/m 26 augustus 2012 te bezoeken in de lichthal van het Tropenmuseum.

Marie-José Calkhoven

Marie-José Calkhoven

Blog delen op sociale media?

Facebook
Twitter
LinkedIn
Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *