Zwaartekracht

Op nieuwjaarsdag bezochten wij de Notenkraker van Tsjaikovski, uitgevoerd door het Nationaal Ballet. Dochter was opgetut in haar mooiste jurk, met lange handschoenen, zilveren hakschoenen en een zijde tasje voor aan haar pols. Mijn man was in keurig pak en zelfs ik had me voor de gelegenheid ietwat deftig getooid. We zaten op een prachtige plek in het uitverkochte Amsterdamse muziektheater. Toen het zaallicht dempte, het orkest begon te spelen en het doek openviel, klonk er een zacht “oooooh” door de zaal. Witte sneeuwvlokken dansten rond een verlicht grachtenpand met een bevroren gracht ervoor. In de verte een brug. Alles ademde negentiende eeuw.

Ik dacht altijd dat ik niks met dans had. Maar nu is het me al voor de tweede keer in een half jaar tijd overkomen, dat de tranen over mijn wangen stroomden. De eerste keer keek ik naar een film die Wim Wenders heeft gemaakt als eerbetoon aan de Duitse choreografe Pina Bausch, die in 2009 overleed. In een lege serre-achtige ruimte, omringd door grasvelden en bos, danste een man met bewegingen die de mijne hadden kunnen zijn. Niet letterlijk natuurlijk, maar ik herkende het trekken van de zwaartekracht aan zijn leden. Zijn hele lijf was zwaar en log. Elke beweging werd tegen de verdrukking in tot stand gebracht. De herkenning ervan bracht me in tranen. Niet van pijn, maar van de vreugde herkend te zijn. Ineens was ik niet langer alleen met een lijf dat me vaak vervulling brengt, maar soms ook diep gemis en pijn.

De Notenkraker bracht een tegenovergestelde ervaring. Als hoofdrolspeelster Clara danst met haar bevrijde prins, komen hun beider lichamen juist los van de aarde. Zij worden uitgetild boven zichzelf, alsof de zwaartekracht niet langer vat op hen heeft. Dit loskomen van het lichaam voelt als een mystiek moment. Niet langer geldt hier de wet van de zwaartekracht. Hier regeert de geest, het licht, de hemel. Dochter van vijf zit ademloos op mijn schoot. Ook zij lijkt het wonder te voelen dat zich hier voltrek. De mensen stijgen al tijdens het leven op uit hun lijf.

Thuisgekomen vraag ik me af waarom deze specifieke dans me zo heftig emotioneerde. Ik kan niet anders dan concluderen dat het een mengsel van verlangen en troost was dat me beving. Verlangen naar het gemak van die lichamen. Van het draaien, het springen, het elkaar naderen en in elkaar opgaan. Troost omdat het leek alsof ik een blik in de toekomst wierp. Alsof me getoond werd hoe het ons zal vergaan als we aan het einde van dit leven zijn gekomen en de zwaartekracht zijn grip op ons verliest. Dan gaan we dansend, zwierend en zwevend naar licht, lucht en hemel.

‘Raar dat enkel beweging zo kan ontroeren,’ zei mijn keurige man, na afloop. Ik kan niet anders dan dat beamen.

Marie-José Calkhoven

Marie-José Calkhoven

Blog delen op sociale media?

Facebook
Twitter
LinkedIn
Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *