Op de bodem

Soms kan een mens niet dieper zinken. Dat was de enige conclusie die ik kon trekken toen ik in het holst van de nacht, in een hotel in een vreemde stad, mezelf terugvond in mijn eigen diarree. Het drama voltrok zich toen ik ongeveer tien minuten in bed lag. Mijn darmen begonnen angstwekkend te krampen en voor ik mezelf uit bed had weten te hijsen, was het al gebeurd. Een misselijkmakende geur steeg op en ik lag midden in mijn eigen poep.

Het was de eerste keer dat ik op vakantie was zonder intimi om voor me te zorgen. Ik had een contract gesloten met de regionale thuiszorgorganisatie. Zij zouden mij komen helpen met douchen en aankleden en dat vond ik al behoorlijk spannend. Als ik had geweten dat ik ook nog een compleet decorumverlies zou ondergaan, was ik ongetwijfeld thuisgebleven.

Voor sommige mensen is de gedachte aan een dergelijke aantasting van de waardigheid, voldoende om een voltooid leven verklaring te ondertekenen. Het idee dat een ander je uit je poep moet redden lijkt onverdraaglijk. Liever dood dan dat. En al behoor ik niet tot die groep, ik zou zeker door angst gegrepen zijn, als ik van tevoren had geweten wat mijn darmen voor me in petto hadden. Inmiddels heeft de ervaring mijn angst ingehaald. Ik heb geen tijd gehad om bang te zijn, want voor ik het wist zat ik er middenin. Na de eerste ontkenning – het lukt me vast wel om dit zelf op te ruimen – kwam de onvermijdelijke overgave. Ik zou de alarmcentrale van de thuiszorg moeten bellen. Deze klus ging ik niet in mijn eentje klaren.

Mijn redder in nood bleek – ik verzin het niet! – Hero te heten. Op z’n Hollands. Een zachtaardige, ietwat onhandige man, die wat sturing mijnerzijds nodig had om niet overal kledders diarree te verspreiden en daar vervolgens over uit te glijden. Daar zat ik dan. Naakt, in mijn eigen poep, overgeleverd aan een onbekende ander. Je zou denken, tijd om een potje te janken. Maar dat is niet wat er gebeurde. Integendeel. Plotseling werd ik overvallen door een wonderbaarlijke lichtheid. Ik had één van de diepste punten in een mensenleven bereikt en desondanks – of juist daardoor? – maakte zich een vreemd soort bevrijding van me meester. Als Hero er niet was geweest, was ik ongetwijfeld in lachen uitgebarsten.

Vroeger hing er bij mijn tante in huis een Delfts Blauw tegeltje met wijsheid aan de muur.

Een mens lijdt dikwijls het meest,

door het lijden dat hij vreest,

doch dat nooit op zal komen dagen.

Zo heeft men meer te dragen

Dan God te dragen geeft.

Ik zou daaraan toe willen voelen, dat zelfs lijden dat zich wél voltrekt, minder erg kan zijn dan je vreest. In die nacht, op de bodem van mijn bestaan, spatte mijn zeepbel van angst uiteen en liet tintelfrisse spettertjes in mij achter. Me laten verzorgen door vreemden, is in één klap een piece of cake geworden.

Marie-José Calkhoven

Marie-José Calkhoven

Blog delen op sociale media?

Facebook
Twitter
LinkedIn
Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *