Moreel verantwoorde middelvinger

We hebben het heerlijk, dochter (8) en ik. We hebben net de negentiende eeuw doorkruist en zijn nu op weg naar koffie of limonade met taart. Daarna zullen we nog even de Middeleeuwen doen, want dochter krijgt geen genoeg van schilderijen met Jezus aan het kruis erop. Gelukkig zijn er daar heel veel van in het Rijksmuseum. Dus rijden we in opperbeste stemming door de ontvangsthal. Dochter staand achterop mijn rolstoel, want de taart lokt en rijden gaat sneller dan lopen. Maar helaas de weg wordt ons versperd door een man met blauw pak, blond haar en een oortje in zijn oor. We kijken belangstellend op. ‘Ja?’ Het blauwe pak geeft ons een reprimande. Het is niet de bedoeling dat dochter achter op mijn rolstoel staat. Dat levert gevaar op voor onze eigen veiligheid, maar ook voor dat van anderen. Hij snapt dat het lastig is, maar dit is nu eenmaal het beleid.

Ik ben met stomheid geslagen. Nooit eerder ben ik hierop aangesproken. Maar ik herstel me snel en ga het gevecht aan. Ik benoem de man zijn regelzucht en met name de zinloosheid ervan. Ik vraag om meer uitleg, uit mijn frustratie. Maar de man houdt voet bij stuk en slappeling als ik ben, laat ik dochter afstappen.

De rest van de middag bedenk ik hoe ik had móeten reageren. De één na de andere koelbloedige reactie plopt op en uiteindelijk stoot mijn fantasie een droomscenario uit: Het blauwe pak spreekt ons opnieuw aan. Ik luister beleefd, knik begripvol en uit bewondering voor het feit dat het Rijksmuseum beleid heeft voor rolstoelers met een kind achterop! Dat is toch wel heel bijzonder! Dan vraag ik om het rapport waarin de risicofactoren worden geanalyseerd, die leiden tot de conclusie dat onze wijze van verplaatsen voor veiligheidsproblemen zorgt. Ik ben namelijk een mens dat graag wil leren. Als de man door mijn ongekende snedigheid, met zijn mond vol tanden staat, roep ik tegen dochter: ‘Hou je vast!’ en knal weg voor een rondje door de grote hal. Als we rakelings langs meneer veiligheid scheuren, sommeer ik dochter om haar middelvinger op te steken. Want al vind ik een kind met goede manieren belangrijk, dwaze mensen, met dwaze regels, moet je nooit blindelings gehoorzamen. Die bedien je stevig van repliek. Desnoods door ze een moreel verantwoorde middelvinger te geven.

Bron plaatje: De Sponti kabouter van Ottmar Hörl

Marie-José Calkhoven

Marie-José Calkhoven

Blog delen op sociale media?

Facebook
Twitter
LinkedIn
Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *