Veroordeeld tot leven

Prins Friso is getroffen door een lawine en krijgt een hartstilstand. Vijftig (!) minuten lang wordt hij gereanimeerd en teruggehaald uit de armen van de dood. Dan blijkt uit hersenscans dat zijn hersenen rampzalig zijn beschadigd. De kans hij ooit nog wakker wordt is uitermate klein.

In Nederland blijken er een duidelijke richtlijnen te bestaan voor een coma dat ontstaat na reanimatie. Als de patiënt na 72 uur niet ontwaakt of reageert op een aantal uitgevoerde testen, is het vrijwel zeker dat hij niet meer wakker wordt. In Nederland wordt de behandeling dan gestaakt, zodat de dood kan intreden. Maar in het buitenland is dat kennelijk anders.[1] Het verlossende bericht van Friso’s overlijden bleef deze twee weken uit, ondanks het feit dat zijn situatie ‘de meest gevreesde, slechtste uitkomst is die je kan hebben’.[2]

Toch zijn er mensen die er voor pleiten dit soort comateuze bestaanswijzen voort te laten duren. De ideeën hierover vanuit christelijk-conservatieve denkbeelden zijn bekend, maar tot mijn verrassing werd eenzelfde pleidooi gehouden door Victor Lamme, hersenonderzoeker en auteur van De vrije wil bestaat niet. In een NRC next column schrijft hij in een brief aan Friso dat hij blij mag zijn dat hij niet op Nederlands grondgebied is, omdat zijn leven dan hoogstwaarschijnlijk al beëindigd zou zijn. Hij besluit zijn brief met de woorden: “Wat je toestand ook is, hier in het verwende Nederland zal die onmiddellijk als ‘ondraaglijk’, ‘mensonterend’ of ‘zinloos medisch handelen’ worden bestempeld. Gelukkig kent je moeder haar pappenheimers, en houdt ze je buiten de landsgrenzen. Ze heeft groot gelijk.”

Welk lijden volgens Lamme wél in aanmerking komt voor de begrippen ‘ondraaglijk’, ‘mensonterend’ en ‘zinloos medisch handelen’, als zelfs een diep coma daar niet onder valt, blijft vooralsnog een raadsel, maar ook de voorbeelden die hij gebruikt om zijn uitspraak “Lieve Friso, er is dus altijd hoop”, kracht bij te zetten, roepen bevreemding op. Lamme refereert aan hersenonderzoek bij patienten in coma vigil[3], waarbij door middel van hersenscans te zien zou zijn dat zij met ‘ja’ of ‘nee’ kunnen antwoorden op vragen. Wat daar hoopvol aan is blijft onduidelijk, want let wel, het oplichten van bepaalde hersengebieden in een scan, valt moeilijk te rijmen met het begrip communicatie. We zien elektronen vuren. Niet meer en niet minder.

Het tweede onderzoek waar Lamme aan refereert betreft de levenskwaliteit van mensen met het ‘locked-in’ syndroom. Deze mensen zijn volledig bewust, maar kunnen alleen communiceren door met hun ogen te knipperen. Mensen in deze toestand beoordelen de kwaliteit van hun leven met een zeven. Dat is natuurlijk fantastisch, maar het heeft niks van doen met mensen in een diep coma. Zij zijn immers niet bij kennis en dus ook niet tot communicatie in staat. Welke hoop zij dus aan die ‘zeven’ van mensen met het locked-in syndroom moeten ontleden blijft in het ongewisse.

Lamme’s oordeel over een verwend Nederland kan ik onderschrijven in zoverre het pleidooien voor oprekking van de euthanasiewet betreft. Nederlanders lijken steeds sneller negatief te oordelen over leven met een rafelrand en dat vind ik zelf ook zorgelijk. Maar dat er mensen zijn die door medisch ingrijpen gedwongen moeten voortleven, omdat het stervensmoment hen ontnomen is, lijkt me onacceptabel. Dat behandelteams in Nederland – ook zonder toestemming van de familie[4]– een niet zinvolle medische behandeling mogen beëindigen, is volkomen terecht. Niemand mag veroordeeld worden tot leven.

[1] Bron anoxisch coma: Volkskrant 18 febr: Prins wordt in coma gehouden

Marie-José Calkhoven

Marie-José Calkhoven

Blog delen op sociale media?

Facebook
Twitter
LinkedIn
Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *